| Inhoudsopgave |
|---|
| Varen |
| De blauwe vlag |
| Alle pagina's |
Watersport 4 all
De watersport.
Deze komt je niet alleen tegen op de binnenwateren, maar ook op de druk bevaren rivieren, de Waddenzee, de Noordzeekust en het IJsselmeer.
Ider vaargebied heeft z'n gevaren en bijzonderheden.
Hier onder geven we een paar korte opsomming.
De noordzee.
De shipper die op de Noordzee kan varen, kan de hele wereld over, luidt de uitspraak van watersport4all.
De Noordzee is een van de drukst bevaren zeeën.
Vele scheepsbewegingen per jaar brengen met zich mee dat er steeds meer uitkijk moet worden gehouden.
De scheepvaartroutes maar ook de andere drukbevaren stukken, moeten volgens bepaalde regels worden overgestoken.
Verder heb je te maken met getijbewegingen.
Wind tegen stroom 'kan' een lastige zee opleveren.
De afstanden maken het bovendien zo, dat niet iedere route in een dagtripje kan worden gevaren.
Het aanvaren van de Noordzeehavens bij bepaalde windrichting en –kracht is niet even gemakkelijk en soms af te raden.
De waddenzee
Deze is naast een prachtig natuurgebied een geweldig vaargebied.
De ondiepten kunnen oorzaak zijn van strandingen, in de grote geulen kan een flinke stroom staan.
Goed opletten onder het varen is zeker geboden.
In het oostelijk deel van de Waddenzee kan alleen rond hoogwater de wantijen worden overgestoken.
Boven een diepgang van 2.00 m zijn alleen de diepste routes goed bevaarbaar.
Goede kennis van het vaargebied, navigatie, informatie, getijden, stroomsnelheden zijn onmisbaar voor het varen op de Waddenzee.
Het ijselmeer.
Er zijn een paar enkele plaatsen op het IJsselmeer waar je de overkant niet kan zien.
Aan de lagerwal kan een lekker hobbelig watertje ontstaan, waarin binnenvaartschepen het moeilijk kunnen krijgen.
De pittige korte golfslag, veroorzaakt door de geringe diepte, is berucht op het IJsselmeer en kan ook zeeziekte veroorzaken.
In de buurt van bijv. spuisluizen kan stroom ontstaan, en bij een aanhoudende wind uit dezelfde richting kan op- en afwaaiing plaatsvinden.
Uw schip moet zeewaardig zijn.
Hollandse en zeeuwse wateren.
Hier is het een prachtig gebied om te varen.
In de afgesloten zeearmen is het makkelijker varen dan op de stromende wateren van de Oosterschelde en Westerschelde.
Hier dient de watersporter rekening mee te houden met de ondiepten en drukke scheepvaart van en naar Antwerpen.
Er is in de afgesloten zeearmen ook sprake van stroom: de rivierafvoer zorgt voor stroming, die toeneemt als er bij laagwater op zee wordt gespuid.
De sluizen die het Haringvliet afsluiten zullen op een kier worden gezet, zodat het milieu van het Harlingvliet langzaam weer kan verzilten.
Op alle wateren waar stroom staat ontstaan pittige wateren bij wind tegen stroom.
Deze pittige wateren met kleine korte golven, zijn vooral kleine schepen niet happig op.
De rivieren.
Hier wordt de watersporter geconfronteerd met snelle beroepsvaart.
Op werkdagen kan het erg druk zijn op de rivieren.
Op de zondagen is er het minste beroepsvaart.
Ook de kribbetjes langs rivieroevers brengen speciale vaarregels met zich mee.
Het bpr. staat bijna nergens zeilen toe, dus het is een egt motorbootvaargebied geworden.
Het meest lastige zijn de rivieren, waar behalve stroming ook nog invloed van de getijden merkbaar is.
Op alle wateren waar stroom staat ontstaan koppige zeetjes bij wind tegen stroom.
Dat kan het vooral kleine schepen lastig maken.
| < Vorige | Volgende > |
|---|




























